|
Officiële propaganda om hun jongeren hun moraliteit te ontnemen. Het was dan ook niet opmerkelijk dat 47 jaar later een andere jongere, de door Salomon Bouman als ‘’nationalist” omschreven Yigal Amir van mening was dat door vrede te sluiten met de Palestijnen Yitzhak Rabin verraad pleegde aan de heilige zaak van het zionisme. Het mogelijk teruggeven van land dat bestemd was voor de joden die straks voor een nieuwe holocaust moeten vluchten, was een halsmisdaad. Net als met elke andere revolutionaire ideologie dat weigert zich aan het recht te houden, heeft het zionisme zijn eigen monsters geschapen. “Vele jaren lang vertegenwoordigde Yitzhak Rabin zelf als krijger, en een knappe, geliefde zoon van het zionistische utopia, het element van duistere bedwelmende macht tot hij in de meest heroïsche daad van zijn leven, losbrak uit het raamwerk van zijn voorspelde biografie en koos voor het gevaarlijke vredespad, het verdelen van het land en het afbakenen van de uiteindelijke grenzen van de staat Israel… En op die manier werd deze man van weinig woorden… met zijn dood een martelaar, een bewijs van de catastrofe van politiek messianisme en van de afwezigheid van verlossing in deze wereld,” is de onvermijdelijke conclusie van Zertal. Anderen zagen het als een bewijs van de bijbelse waarheid dat degene die het zwaard trekt, door het zwaard zal vergaan. De man die na een bloedbad Palestijnse burgers had verdreven en tijdens de eerste intifada als premier opdracht had gegeven de botten te breken van Palestijnse jongeren was tenslotte door het opgeroepen geweld zelf geveld. Hoe groot de leugen van het zionisme is geworden blijkt ook uit bepaalde uitspraken van joden in de diaspora. Ronny Naftaniel, de directeur van de “zionistische lobbygroep” het CIDI die al jarenlang propaganda bedrijft voor “het beloofde land”, kreeg voorafgaand aan het 60-jarig bestaan van Israel de vraag gesteld of hij als zionist “ooit nog in Israel” gaat wonen. Een niet zo wonderlijke vraag gezien het feit dat 83 procent van de Palestijnse bevolking etnisch gezuiverd was in 1948 en 1967 om plaats te maken voor joden als Naftaniel. Tegenover de interviewer van de VPRO-gids zei hij: “Als alle joden in de diaspora in Israel gingen wonen zou het dichtslibben.” Maar dit is nonsens. Allereerst werd het niet aan alle joden gevraagd, het is bekend dat merendeel van hen er niet aan denkt om naar Israel te emigreren, maar aan hem, aan de directeur van een instituut dat sinds jaar en dag propaganda maakt voor “de joodse natie”. Bovendien woont, volgens wetenschappelijk onderzoek, 80 procent van de Israëli’s op slechts 12 procent van het land, met andere woorden 88 procent is nagenoeg onbewoond. Nederland heeft 480 inwoners per vierkante kilometer, Israel 263. Als “dichtslibben” echt een argument zou zijn dan was Naftaniel inmiddels al naar Israel vertrokken, zeker als men afgaat op de officiële definitie van het zionisme: “de nationale beweging voor de terugkeer van de joden naar hun thuisland en de hervatting van de joodse heerschappij in het Land van Israel,” een doel waar Naftaniel al jaren voor strijdt.
Het failliet van de zionistische ideologie blijkt ook uit de argumentatie die gebruikt wordt om het onrecht te rechtvaardigen. Wanneer Naftaniel een vraag gesteld wordt over de joodse nederzettingen op de West Bank antwoordt hij: "Ik ben een tegenstander van die nederzettingen, maar als men 3,5 miljoen Palestijnse vluchtelingen in Israel wil vestigen, waarom zouden die nederzettingen er dan niet mogen zijn? Ik vind dat de nederzettingen in een vredesregeling dienen te verdwijnen en de Palestijnse vluchtelingen zich in een Palestijnse staat moeten vestigen." Dit is een wisseltruc, een volstrekt onlogische redenering om diefstal goed te praten. Eerst verdrijft Israel Palestijnen van hun land, vervolgens steelt men een deel van het overgebleven land en tenslotte zegt men: pas als jullie op het door ons in 1967 gestolen land gaan wonen en dus niet terugkeren naar het land waaruit we jullie in 1948 verdreven, zijn wij bereid om vrede te sluiten. Dat is een sigaar uit eigen doos. Het toont haarscherp aan hoe onrechtvaardig het zionisme moet zijn om van Israel een exclusief joodse staat te maken. De interviewer verzuimde de vraag te stellen: op grond waarvan Ronny Naftaniel, die zelf niet in Israel wil wonen, denkt te kunnen bepalen waar verdreven Palestijnen moeten wonen? De journalist trapte blind in deze nonsens, zoals gebruikelijk zodra het om Israel gaat.
Voor de zionistische lobby mag dan wel de prijs voor de steun aan Israel consequentieloos zijn, maar dat geldt niet voor de Palestijnen en ook niet voor de joods-Israelische jongeren die drie jaar lang als militair moeten dienen, vaak in bezet gebied. De joods-Israelische filmregisseur Yoav Shamir maakte een documentaire over afgezwaaide militairen die hun toevlucht in India zoeken, om er tot rust te kunnen komen na drie jaar lang in de abnormaliteit van een bezetting te hebben geleefd. 90 procent van hen gebruikt er drugs, en een aanzienlijk aantal van hen stort psychisch ineen, en lijdt aan een verschijnsel dat algemeen bekend staat als Flipping Out, tevens de titel van de documentaire. De bij elkaar schuilende jongeren zijn geobsedeerd door hun joods-zijn, “de joodse ziel zoekt altijd,” zonder dat ze beseffen dat zij in niets wezenlijks verschillen van de rest van de mensheid. Op een bepaald moment vraagt een jonge joods Israelische vrouw aan iemand die de thora uitlegt en over de strijd tussen goed en kwaad spreekt: “Kennen alleen joden deze strijd in hun ziel?” Het antwoord luidt: “Nee, goed en kwaad zit in iedereen. Maar alleen een jood heeft een Goddellijke ziel, een Goddelijke geest.” Tot zelfs hoog in de bergen van India nemen de afgezwaaide Israelische militairen hun racisme mee. Wanneer de filmmaker aan een van hen vraagt of hij “kan opschieten met de Indiërs?” is het niet door zijn vrienden weersproken antwoord: “Ze zijn als Arabieren, Arabieren met levensvreugde. Het zijn kinderen, achterlijke kinderen.” Een ander die bij een gevechtseenheid op de Westbank diende vertelt dat “het leger de beste tijd van mijn leven was, ik genoot er elk moment van.” Over de onderdrukking van de Palestijnen zei hij: “Dat is hun leven… het is onvermijdelijk.” Desgevraagd laat hij weten zichzelf geen vragen over het onrecht te hebben gesteld: “Ik was van mening dat dit moest gebeuren.” Een uitzondering hierop vormt Guy Saar Ruso, een 31-jarige Israelische kunstenaar, die al zes jaar in India leeft en bij een elite commando eenheid in Gaza diende. Hij wijst erop uit ervaring te weten dat er een uiterst dunne grens ligt tussen gekte en normaliteit. Over de Israelische samenleving zegt hij: “Wij nemen kinderen, zoals ik was, en na drie jaar van complete vernietiging van de identiteit en zelfvernietiging in termen van de fundamentele betekenis van het menselijk bestaan, geven we ze 15.000 shekels als een afzwaaibonus zodat ze kunnen gaan naar waar ze willen om er te rehabiliteren, om ergens anders alle rotzooi eruit te gooien. Ik denk dat dat vreemd is.” Op de vraag of er een reden is dat de joods-Israelische jongeren moeten “rehabiliteren” zegt de oud militair: “Er zijn veel dingen die je in het leger deed, die - als je ze onder ogen ziet - oneervol zijn… Veel jongeren kunnen die dingen als een schande zien, het feit dat je land bepaalde dingen doet. En anderen vragen zich af hoe de hand die hij of zij nu gebruikt, dezelfde hand is die mensen doodschoot en verwoesting veroorzaakte. Zelfs als het uit zelfverdediging was, één persoon leeft, de ander stierf.”
1 | 2 | 3 | 4 | 5 | 6 | 7 | 8 | 9 | 10 | 11 | 12
|